BLOEMBOLLEN
Plant ze op tijd



Voorjaars bloeiende bloembollen:

N
a een lange periode van kou en weinig kleur , breekt nu een periode aan van volop kleur in de tuin door voorjaars bloeiende bolgewassen , dat is pas genieten!
Daarom is uw tuin , evenals het balkon of terras , eigenlijk niet echt compleet zonder krokussen , tulpen , narcissen , hyacinten en al die andere voorjaarsbollen.

maandenlang bloeiplezier



Elk bolgewas heeft zijn eigen bloeitijd. Door daaop bij aanschaf goed te letten , kunt u ervoor zorgen dat u maandenlang plezier heeft van bloeiende bollen.
Winterakonieten en sneeuwklokjes bloeien als eersten. Zij worden al spoedig gevolgd door krokussen , sneeuwroem , narcissen en de eerste vroege tulpen. Daarna is het de beurt aan blauwe druifjes , in april en mei bloeien de tulpen en de indrukwekkende keizerskronen ( Fritillaria's ). sieruien bloeien vanaf half mei tot ver in juli , waarmee bewezen is dat u een half jaar lang kunt genieten van de prachtigste kleuren in uw tuin , op uw terras of uw balkon.

Het planten:

Maak voor het planten de grond goed los en werk er eventueel compost door.
Graaf een plantgat en zet de grote bollen daarin rechtop; kleine bolletjes mogen gestrooid worden.

Plantdiepte:

Als uitgangspunt voor de plantdiepte geldt tweemaal de hoogte van de bol. Dat is voor grote bollen zoals narcis , tulp en hyacint ongeveer 10 tot 15 cm en voor de kleinere gewassen als sneeuwklokje en de krokus ongeveer 7 centimeter.

Plantafstand:

Het spreekt vanzelf dat grote bloembollen meer ruimte nodig hebben dan kleine bloembollen. Grote bollen plant u met een tussenruimte van gemiddeld 12 cm , kleine bollen hebben aan 5 tot 7 cm voldoende , afhankelijk van het effect dat u voor ogen hebt. Wilt u dat het geheel er straks ongedwongen en natuurlijk uitziet , plant dan de bollen juist op wisselende afstanden van elkaar en schroom niet om een enkeling eens wat verder weg te zetten. Houdt u van een strakke tuin , plant dan de bollen op regelmatige afstanden.

Grondsoort:

In zandgrond wordt het regenwater vrij gemakkelijk afgevoerd. Kleigrond daarentegen heeft nogal de neiging om lang vochtig te blijven. Daarom moet u ervoor zorgen dat ook kleigrond goed waterdoorlatend gemaakt wordt , want de meeste bollen houden niet van natte voeten. De beste manier om de grond luchtiger te maken is door er zand of compost door te mengen. Ook kunt u , voordat u de bloembollen in het plantgat zet , er fijne kiezels of kattengrit in strooien.

Water en vorst:

Geef de bollen na het planten water , zodat ze aangespoord worden om wortels te gaan maken. Hoe eerder de wortels gevormd zijn , des te sneller is de bol bestand tegen kou en vorst. water geven kan achterwege blijven zodra de najaarsregen in aantocht is.